Nederlands op de opleidingvloer (Nodo) is taalondersteuning op maat van de laagtaalvaardige cursist tijdens de opleiding.
VDAB Antwerpen - NODO - Beroepsopleiding Horeca
Nodo is taalondersteuning op maat van de cursist
- Vak- en taaldocent bekijken per cursist het taalprofiel.
- Ze observeren en bespreken de cursist.
- Ze bepalen aan welke taalcompetenties de cursist moet werken tijdens de opleiding.
- De taaldocent bespreekt dit ook met de cursist en noteert dit in het cursistvolgdossier.
De taal- en vakdocent werken nauw samen
- De taaldocent helpt de vakdocent door samen lessen toegankelijker te maken of lesmateriaal aan te passen.
- De vakdocent helpt de taaldocent door authentiek materiaal (cursussen, gereedschap, stageopdrachten,...) te voorzien, de cursist te observeren en feedback te geven over de taalevolutie van de cursist.
- De taal- en vakdocent bepalen welke cursist wanneer ondersteuning krijgt.
Nodo is op maat van de opleiding
De taalondersteuning verschilt van opleiding tot opleiding en is afhankelijk van
- de inhoud van de lessen (praktijk of theorie)
- de groepssamenstelling (heterogeen of homogeen)
- de beschikbare tijd (van de vak- en de taaldocent)
Bv. in een homogene laagtaalvaardige groep
Taalcompetentie: vragen stellen bij een instructie
- De taaldocent oefent vragen stellen in met de cursist. Hij/zij geeft de cursist een hulpkaart mee.
- De cursist gebruikt de hulpkaart tijdens de vaklessen.
- De vakdocent observeert de cursist en geeft feedback.
Bv. in een heterogene groep met enkele laagtaalvaardige cursisten
Taalcompetentie: stageverslag schrijven
- De taaldocent neemt de laagtaalvaardige cursisten apart. Hij/zij geeft hen extra tips en een schrijfkader.
- De cursist gebruikt het schrijfkader en vraagt feedback aan de taaldocent.
- De vakdocent verbetert het stageverslag en geeft feedback over inhoud en taal.

