Toegankelijk lesmateriaal

 

Zijn sommige cursussen een echt struikelblok voor de laagtaalvaardige cursisten? Is (een deel van) je lesmateriaal aan vervanging toe? Enkele tips voor toegankelijker lesmateriaal.

 Checklist toegankelijk lesmateriaal

Om je lesmateriaal toegankelijker te maken, houd je rekening met

De lezer

  • De lezer van het cursusmateriaal is de (laagtaalvaardige) cursist. Je schrijft je cursus niet voor collega’s of vakmensen.

De vorm en structuur

  • Hanteer een duidelijke en eenvormige lay-out in de hele cursus.
  • Gebruik een eenvormig lettertype, bijvoorbeeld ‘arial’.
  • Zorg voor een visuele nummering en rubricering.
  • Gebruik beeldmateriaal, foto’s, tekeningen, schema’s en tabellen om de leerstof te verduidelijken.
  • Maak de structuur van de cursus chronologisch of van makkelijk naar moeilijk.
  • Verdeel je cursus in korte stukjes en gebruik tussentitels. 

De zinnen

  • Tel de woorden in de zin. Is de zin langer dan 10 woorden, bekijk hem dan opnieuw. Is dit nodig, kan het korter?
  • Schrijf zo veel mogelijk enkelvoudige zinnen, vermijd samengestelde zinnen.
  • Maak je zinnen actief.
    Niet: De Franse revolutie wordt door historici gezien als een kantelpunt.
    Wel: Historici zien de Franse revolutie als een kantelpunt.
  • Gebruik liefst de tegenwoordige tijd.
  • Zet het onderwerp vooraan in de zin.
  • Geef een instructie in de opdracht. Dat is makkelijker.

De woorden

  • Gebruik geen holle woorden.
    Niet: Op eenvoudige vraag is het mogelijk hiervan en kopie te bekomen.
    Wel: U kunt een kopie krijgen.
  • Vereenvoudig zoveel mogelijk moeilijke begrippen. Als dit niet kan, omschrijf de begrippen dan.
  • Gebruik niet teveel typisch Nederlandse uitdrukkingen en beeldspraak. Dit is moeilijker te begrijpen voor anderstaligen.
    Niet: Hij is niet over een nacht ijs gegaan.
  • Let op met afkortingen en letterwoorden.
  • Vervang archaïsche woorden, gebruik eerder alledaagse woorden.
    Niet: inzake
    Wel: over
  • Werkwoorden die je als zelfstandig naamwoord gebruikt, maken een tekst extra zwaar. 
    Niet: Het instuderen van de tekst vraagt veel tijd.
    Wel: De tekst instuderen vraagt veel tijd.
  • Vaktaalwoorden zijn voor alle cursisten nieuw. Houd er rekening mee dat cursisten deze woorden vaak voor de eerste keer horen, lezen. Omschrijf de nieuwe woorden en sta er bij stil in de les.
  • Gebruik de vaktaalwoorden consequent in de cursus. Herhaling is nodig.
  • Voorzie ruimte in de cursus voor notities van de cursisten.

Inspiratie voor lessen nodig?